Algemeen

Zonne-energie levert de volgende besparingen op:
• Besparing op energiebelasting;
• Besparing op opslag duurzame energie;
• Besparing op transportkosten;
• Besparing op energiekosten (grijze stroom).

Daarnaast zijn er ook nog indirecte voordelen, zoals bijvoorbeeld:
• CO2-reductie;
• Draagt bij aan het behalen van MVO-doelstellingen;
• Meerwaarde voor het gebouw;
• Peak shaving (lagere netbeheerkosten).

Bovendien hoeft de gebouweigenaar niet zelf te investeren in het zonnestroomsysteem.

ESCo staat voor Energy Service Company. Een ESCo richt zich erop in opdracht van de gebouweigenaar het gebouw energie vriendelijker te maken. Er bestaat geen vaste vorm voor een ESCo. Door een ESCo te initiëren kan het split incentive dilemma ook worden opgelost. Het is bijvoorbeeld mogelijk om als gebouweigenaar de energievoorziening en het management hiervan uit te besteden aan een derde partij zoals Dutch Renewergy. Het doel hierbij kan voor de gebouweigenaar bijvoorbeeld zijn om op een duurzame manier te voorzien in de energiebehoefte. Wij kunnen hierbij de financiering voor onze rekening nemen. Zonder dat u zelf hoeft te investeren wordt het gebouw wel verduurzaamd. Op deze wijze profiteren zowel u als de huurder van de verduurzaming.

Gebouweigenaren en huurders krijgen bij verduurzaming van vastgoed vaak te maken met het ‘split incentive dilemma’. Het “split incentive dilemma” is het verschijnsel dat (duurzaamheids)maatregelen niet worden gerealiseerd doordat de motieven van de gebouweigenaar (verhuurder) en de huurder niet overeen komen. De eigenaar betaalt voor het verduurzamen van een gebouw, terwijl de huurder profiteert van de voordelen, bijvoorbeeld door een lagere energierekening.
Bij veel privaat en publiek vastgoed is het eigendom van het gebouw gescheiden van het gebruik ervan. De verschillende belangen die bestaan tussen de gebouweigenaar (verhuurder) en huurder(s) vormen een belemmering om een afweging te maken voor investeringen in duurzame energieoplossingen. Door het split incentive dilemma blijven de investeringen in duurzame energieoplossingen vaak achterwegen.

Het split incentive dilemma kan worden opgelost door de motieven van de gebouweigenaar en huurder(s) te laten overeenkomen. Dit kan bijvoorbeeld door het sluiten van een Green Lease of het initiëren van een ESCo. Door deze maatregelen toe te passen kunnen de belangen van de gebouweigenaar en huurder(s) worden “gematcht” waardoor beide partijen hierbij profiteren van de verduurzamingsmaatregelen.

Een Green Lease is een manier om het split incentive dilemma op te lossen. Een Green Lease komt in de vorm van een contract waarbij partijen concrete afspraken maken over verduurzamingsvraagstukken. Bijvoorbeeld over de verdeling van kosten, opbrengsten en risico’s die gepaard gaan met het verduurzamen van het gebouw. De afspraken die worden vastgelegd in het contract zijn voor alle betrokken partijen meetbaar en controleerbaar. Meestal zijn de betrokken partijen de gebouweigenaar (verhuurder) en de huurder. Over het algemeen wordt een derde partij zoals Dutch Renewergy hierbij betrokken om de inhoud van de Green Lease vorm te geven.
Green Lease maakt het mogelijk het Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen beleid (MVO-beleid) en de duurzaamheidsdoelstellingen te vertalen naar duidelijke en heldere contractafspraken. Hierdoor zijn de gebouweigenaar (verhuurder) en de huurder verzekerd van het gewenste resultaat en/of de gewenste kwaliteit van de werkomgeving. Zowel de gebouweigenaar als de huurder hebben door de afspraken die zijn gemaakt op deze manier een gezamenlijke prikkel om te verduurzamen.

De maximale electriciteitsafname (de piek) van een bedrijf / gebouw bepaalt vaak de contractvorm die wordt afgesloten met de netbeheerder. In het electriciteitsgebruik van een bedrijf (gebouw) komen pieken voor. Als de maximaal overeengekomen electriciteitsafname wordt overschreden, worden zelfs extra hoge tarieven gerekend door de netbeheerder.
Peak shaving betekent eigenlijk niets anders dan het verlagen van de pieken. Als u als gebouweigenaar (bedrijf) in staat bent de pieken te verlagen betaalt u minder. Een PV-installatie is een “peak shaver” bij uitstek. Overdag als over het algemeen de vraag naar elektriciteit het hoogst is wekt de de PV-installatie elektriciteit op. Dit betekent dus een gelijkmatigere vraag (peak shaven) van elektriciteit gedurende de dag. De pieken worden verlaagd, waardoor u minder betaald aan de netbeheerder.

A-merk producenten in de “Solar Industry” worden aangeduid als “Tier 1” bedrijven. Om te voldoen aan de Tier 1 status moeten bedrijven voldoen aan de volgende kenmerken:

1. Zijn beursgenoteerd in de VS ( New York or Nasdaq);
2. Zijn volledig gecertificeerd door onafhankelijk internationaal erkend certificeringsbedrijf;
3. De producten hebben een minimale garantietermijn van:
– garantie op constructiefouten van minimaal 5 jaar;
– opbrengstgarantie van minimaal 90% of meer gedurende 10 jaar;
– opbrengstgarantie van minimaal 80% of meer gedurende 25 jaar.
4. Hebben een bewezen “track-record” in de zonne-energie industrie;
5. Zijn een internationaal erkend merk (Internationally recognized brands);
6. Hebben een internationale aanwezigheid (verkoop vertegenwoordiging / depots);
7. Hebben een sterke technische langetermijnvisie;
8. Financieel gezond & erkend door de belangrijkste internationale banken als “bankable”.


PV-installatie

Een PV-installatie is een installatie die bestaat uit zonnepanelen, omvormers, bekabeling, etc. PV staat voor photovoltaic (ook wel fotovoltaïsch). Een fotovoltaïsche installatie zet zonne-energie om in elektriciteit. Een andere naam voor PV-installatie is daarom ook wel een zonnestroomsysteem, zonne-instalatie of een zonnepanelen installatie.

Een zonnepaneel is een paneel dat zonne-energie omzet in elektriciteit. Er zijn verschillende soorten panelen op de markt. Bijvoorbeeld Monokristallijn, Polykristallijn en Amorf. De meest gebruikte afmeting van een zonnepaneel is 1,65 x 1,0 meter. Andere maten zijn ook mogelijk.

Een omvormer is een apparaat dat de gelijkstroom die de zonnepanelen afgegeven omzet in 230V wisselstroom. Dit is nodig zodat de geproduceerde zonnestroom teruggeleverd kan worden op de electrische installatie of het electriciteitsnet.

Voor het omrekenen van de WP opbrengst naar kWh opbrengst wordt gebruik gemaakt van een omrekeningsfactor. In de markt wordt veelvuldig gerekend met de factor 0,9 (dak op het Zuiden zonder schaduw). Een zonnepaneel van 290 Wp levert per jaar ongeveer 260 kWh op. Per m2 levert dit ongeveer 158 kWh per jaar op.

Het vermogen van een zonnepaneel wordt uitgedrukt in Wattpiek (Wp). Het vermogen van een zonnepaneel (1,65 x 1,0 meter) is nu gemiddeld 260Wp per jaar. Er zijn ook zonnepanelen verkrijgbaar met een gemiddeld vermogen van 290Wp per jaar.

Per m2 kunt u met een dak op het Zuiden ongeveer 158 kWh energie opwekken per jaar. Een dak op het Westen en/of Oosten levert ongeveer 110 kWh per jaar op per m2.

Het vermogen van een zonnepaneel wordt uitgedrukt in het “Watt piekvermogen” van het paneel. Doordat de hoeveelheid zonlicht steeds wijzigt is de productie van electriciteit met een zonnepaneel niet gelijkmatg. Bij zonnepanelen staat daarom het maximale vermogen (Wattpiek) van het zonnepaneel aangegeven. Het maximale vermogen van een zonnepaneel wordt vastgesteld in een testomgeving.

Bij het berekenen van de werkelijke opbrengst wordt rekening gehouden met een aantal factoren. Zoals ligging van het dak, mogelijke schaduw inval etc.

Jaarlijk neemt het vermogen van een zonnepaneel af. Dit is een heel normaal verschijnsel. Door Tier 1 fabrikanten wordt een minimale vermogensgarantie afgegegeven van 90% na 10 jaar en een minimale vermogensgarantie van 80% na 25 jaar.

Een zonnepaneel geeft gelijkstroom (DC) af. Deze stroom wordt door een omvormer omgezet naar wisselstroom (AC).

Slechts een gedeelte van het zonlicht wordt door de wolken tegen gehouden. Als de zon niet schijnt wekken de zonnepanelen dus ook energie op. Weliswaar iets minder dan op een zonnige dag. Zonnepanelen kunnen door het “maanlicht” zelfs ’s nachts een heel klein beetje elektriciteit opwekken.


SDE+ subsidie

SDE+ is een exploitatiesubsidie. Dat wil zeggen dat producenten subsidie ontvangen voor de duurzame energie die zij opwekken. De SDE+ subsidie is in het leven geroepen door het Ministerie van Economische Zaken. Dit omdat de kostprijs van duurzame energie hoger is dan die van grijze energie, waardoor de productie van duurzame energie niet altijd rendabel is.

De SDE+ subsidie vergoedt jaarlijks het verschil in kostprijs tussen grijze energie en duurzame energie over een periode van 15 jaar. De hoogte van de subsidie is o.a. afhankelijk van de hoeveelheid duurzame energie die jaarlijks geproduceerd word.

Fotovoltaïsche zonnepanelen (Zon-PV) met een vermogen vanaf 15 kWp en een grootverbuikersaansluiting komen in aanmerking voor de SDE+ subsidie. Een grootverbruikersaansluiting is een aansluiting van meer dan 3*80A op het elektriciteitsnet.

De maximale looptijd van de SDE+ subsidie bedraagt 15 jaar. Het is wel zo dat eventueel niet “opgebruikte” SDE+ subsidie in jaar 16 nog gebruikt kan worden.

De maximale vergoeding per kWh is afhankelijk van de hoogte per kWh van het toegekende basisbedrag en het door de overheid vastgestelde correctiebedrag. Stel dat het toegekende basisbedrag 11 eurocent (Fase 2, maart 2018) per kWh bedraagt en het (voorlopige) correctiebedrag is vastgesteld op 6,3 eurocent voor niet-netlevering en op 3,8 eurocent voor netlevering.

Dan bedraagt het maximale subsidiebedrag per kWh voor niet-netlevering:
– Het basisbedrag per kWh bedraagt € 0,11 ( 11 eurocent)
– Het vastgestelde correctiebedrag per kWh bedraagt € 0,063 ( 6,3 eurocent)
– Het maximale subsidiebedrag per kWh bedraagt dan € 0,047 ( 4,7 eurocent)

Het maximale subsidiebedrag per kWh voor netlevering bedraagt:
– Het basisbedrag per kWh bedraagt € 0,11 ( 11 eurocent)
– Het vastgestelde correctiebedrag per kWh bedraagt € 0,038 ( 3,8 eurocent)
– Het maximale subsidiebedrag per kWh bedraagt dan € 0,072 ( 7,2 eurocent)

Het basisbedrag per kWh is de gehele looptijd van de beschikking de basis waarop de vergoeding per kWh wordt gebaseerd. Aan de vergoeding is een maximum gebonden.

De kostprijs voor de productie van hernieuwbare energie is vastgelegd in het basisbedrag voor de respectievelijke technologie (bv. Zon-PV). Het basisbedrag wordt per categorie per SDE+ ronde door het Ministerie van Economische Zaken vastgesteld. Dit basisbedrag geldt vervolgens voor de gehele subsidieperiode.

De opbrengst voor de productie van (grijze) energie is vastgelegd in het correctiebedrag. Bij de bepaling van het correctiebedrag wordt uitgegaan van gemiddelde energieprijzen per categorie, zoals die gedurende het productiejaar werkelijk zijn opgetreden. Door het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) worden jaarlijks deze energieprijzen berekend. Dat gebeurt op basis van de gemiddelde prijzen op bijvoorbeeld de APX-energiebeurs.

De basisenergieprijs is de ondergrens voor het correctiebedrag. Als het correctiebedrag gelijk is aan de basisenergieprijs is de maximale subsidie bereikt. Het Ministerie van Economische Zaken stelt de basisenergieprijs per SDE+ ronde vast op basis van berekeningen van het Energieonderzoek Centrum Nederland. De basisenergieprijs geldt vervolgens de gehele subsidieperiode.


CO2

CO2 is een afkorting voor koolstofdioxide. Het is een broeikasgas. Het ontstaat o.a. door de verbranding van fossiele brandstoffen zoals steenkool, olie en aardags. Broeikasgassen spelen een belangrijke rol bij de opwarming van de aarde. Hierdoor zal de populariteit van zonne-energie blijven groeien.

Broeikasgassen spelen een belangrijke rol bij de opwarming van de aarde. Het gebruik van zonnepanelen levert een aanzienlijke vermindering op van CO2-uitstoot.

Voorbeeld: Een PV-installatie met 100 zonnenpanelen leidt tot een CO2-uitstoot vermindering van ongeveer 13.676 kg/p.jr.

(100 zonnepanelen van 290 Wp leveren ongeveer 29.000 Wp/p.jr op. Dit betekent een opbrengst van ongeveer 26.000 kWh/p.jr. => 1.000 kWh/p.jr. zonnestroom staat gelijk aan ongeveer 526 kg/p.jr. CO2-uitstoot vermindering).

Een gemiddeld Nederlands gezin verbruikt in huis ongeveer 4.000 kWh elektriciteit (grijze stroom) per jaar. Dit komt overeen met een CO2-uitstoot van ongeveer 2.104 kg/p.jr.

Bomen zijn zeer geschikt om CO2-uitstoot te compenseren. Een gemiddelde boom kan in een jaar ongeveer 20 kg CO2-uitstoot opnemen (compenseren) in zijn biomassa. Bomen nemen de CO2 op uit de lucht en zetten dit om in zuurstof.

Een gemiddeld Nederlands gezin verbruikt ongeveer 4.000 kWh elektriciteit (grijze stroom) in huis per jaar. Dit komt overeen met een CO2-uitstoot van ongeveer 2.104 kg/p.jr. Om de CO2-uitstoot van deze 4.000 kWh. (grijze elktriciteit) te compenseren zijn ruim 105 bomen nodig. Bomen zijn zeer geschikt om CO2-uitstoot te compenseren. Een gemiddelde boom kan in een jaar ongeveer 20 kg CO2-uitstoot op nemen (compenseren) in zijn biomassa. Bomen nemen de CO2 op uit de lucht en zetten dit om in zuurstof.

Een gemiddelde benzine personenauto die per jaar 15.000 kilometer rijdt heeft een CO2-uitstoot van ca. 3.360 kg per jaar.

Een gemiddelde diesel personenauto die per jaar 15.000 kilometer rijdt heeft een CO2-uitstoot van ca. 3.195 kg per jaar.


PV panelen met zon